We moeten nu begrijpen dat zonde een doordringende verontreinigende werking heeft, precies zoals God zei. Maar het is geen toeval dat Leviticus 15 (het hoofdstuk over onreinheid) wordt gevolgd door Leviticus 16 (het hoofdstuk over de verzoening). Leviticus 16 gaat helemaal over de Grote Verzoendag, waar de Hogepriester, eenmaal per jaar, met bloed het allerheiligste binnenging om verzoening te doen voor het volk. Dit offer was de manier waarop God onzuivere mensen van elke vorm van zonde wilde reinigen. Het bloed van het offer bedekte het verzoendeksel, en de ‘zondebok’ droeg de zonden weg, en het wees allemaal vooruit naar het verzoenende werk van Jezus aan het kruis.
Ik kan me voorstellen dat ik een Israëliet ben die Leviticus 15 leest en het gewicht en de ernst van mijn verontreiniging gaat begrijpen, en besef hoe alles in mijn leven door mijn zonde wordt beïnvloed en geïnfecteerd.
Maar kun je je dan het goede nieuws en de opluchting voorstellen als je blijft lezen en ziet dat God een weg heeft vrijgemaakt om schoon te worden? Geen verontreiniging door de zonde meer! Ik zou schoon en vrij zijn!
Door de hele Schrift heen werd de belofte verkondigd dat wanneer God Zijn volk reinigde, de gevangenen vrijgelaten zouden worden: “Ik zal een omkeer brengen in de gevangenschap van Juda en in de gevangenschap van Israël, en hen opbouwen als vroeger. 8. Ik zal hen reinigen van al hun ongerechtigheid, waarmee zij tegen Mij gezondigd hebben. Ik zal al hun ongerechtigheden vergeven, waarmee zij tegen Mij gezondigd hebben, en waarmee zij tegen Mij in opstand zijn gekomen.”(Jeremia 33:7-8).
Vraag 2. Welke hoofdzaken zijn in Jeremia 33:7-8 met elkaar verbonden?
O ja, er kwam een dag waarop God gevangenen zou bevrijden. Hij zou hen terugbrengen naar hun land, en hen van zonde reinigen en hun rebellie vergeven, en zij zouden zuiver en heilig gemaakt worden!
Die dag is daar! Vanwege het volbrachte werk van Jezus aan het kruis is reiniging voor jou beschikbaar! En deze reiniging is niet slechts eenmalig, maar als een stromendefontein, een voortdurende plaats van reiniging.
Laten we eens kijken naar de vervulling van de Grote Verzoendag en zien hoe het gewassen worden bij het kruis verbonden is met het bevrijden van gevangenen:
“Maar toen is Christus verschenen, de Hogepriester van de toekomstige heilsgoederen. Hij is door de meerdere en meer volmaakte tabernakel gegaan, die niet met handen is gemaakt, dat is: die niet van deze schepping is. 12. Hij is niet door bloed van bokken en kalveren, maar door Zijn eigen bloed eens en voor altijd binnengegaan in het heiligdom en heeft daardoor een eeuwige verlossing teweeggebracht. 13. Want als het bloed van stieren en bokken en de as van de jonge koe, op de verontreinigden gesprenkeld, hen heiligt tot reinheid van het vlees, 14. hoeveel te meer zal het bloed van Christus, Die door de eeuwige Geest Zichzelf smetteloos aan God geofferd heeft, uw geweten reinigen van dode werken om de levende God te dienen!” Hebreeën 9:11-14
Vraag 3 Wat deed het bloed van stieren en bokken in Hebreeën 9:13 voor het volk?
Log in / maak een account aan om u in te schrijven of verder te gaan waar u gebleven was.